De nieuwe Teach Like a Champion. Hoe nieuw kan die zijn? Er is een techniek bij, maar rechtvaardigt dat een nieuwe editie? In het verleden ben ik begonnen aan het bespreken van TLCA 2. Niet afgemaakt. Wellicht komt dat nu uit. Na de bespreking van het het voorwerk, door naar de echte inhoud, hoofdstuk 1. Hierbij vat ik zijn tekst samen en geef die weer in mijn woorden. Met mijn selectie. In de Nederlandse vertaling zijn stukken weggelaten of aangepast. De opvallendste verschillen bespreek ik.


Five themes: mental models and purposeful execution

In het Nederlands: De vijf principes van lesgeven: een mentaal model

Begon Lemov in eerdere edities met het bespreken van de verschillende technieken, gegroepeerd in een thema, nu start hij met het beschrijven wat voor hem de grote lijn is. Hij gebruikt daar maar liefst 33 (grote) pagina’s voor. En kon ik voorgaande delen het best bespreken in de volgorde van het boek, hier is dat niet zo. Een goede redacteur had hier goed werk kunnen doen.


Mental models

In het Nederlands: Mentale modellen

Een timmerman heeft meerdere uitvoeringsvormen van een pen-gat verbinding. Hij kiest afhankelijk van de situatie. Om daar met collega’s over te kunnen spreken is er een vocabulaire dat details beschrijft. Om de variaties te kunnen toepassen moet je ze niet alleen kunnen benoemen, maar ook kunnen beslissen wanneer. Een docent moet die beslissingen snel kunnen maken. Daarvoor heb je een model van de werkelijkheid, de les nodig: in een gewone les ziet (..) er normaal zò uit.

Dit hoofdstuk, dat ontbreekt in eerdere edities, gaat over die modellen. En de achtergronden daarvoor. Het onderstreept dat het niet gaat om de technieken, maar om de verstandige toepassing daarvan. Het doel van de les en de keuze van de technieken, gegeven de omstandigheden. Want alles werkt wel ergens, en niks werkt overal. (Dylan Williams).

Een van de vereisten is dat je goed moet weten wat er gebeurt in de klas, je moet goed kijken. Dan moet je ook weten waar je naar moet kijken. En dan moet je weten, een idee hebben, over wat er zou moeten gebeuren. En hoewel het boek gaat over hoe te onderwijzen, is het verstandig om stil te staan bij hoe leren werkt. Want dan kan je dat beter zien. Daarom worden er vijf principes besproken.

Betere beslissingen

Wanneer je de basisprincipes kent, ben je in staat betere beslissingen te nemen, beslissingen die leiden tot goede leerontwikkeling van leerlingen.

Waarnemen

Om goede beslissingen te kunnen nemen, moet je ook goed kijken wat er in de les gebeurt. De modellen helpen je daar bij. Die sturen de aandacht.


Principe 1: Understanding human cognitive structure means building long-term memory and managing working memory

Lemov bespreekt een eenvoudig model van het geheugen, dat hij later nog wat uitbreidt. Centraal staat de beperkte capaciteit van het werkgeheugen. Daar moet je van uit gaan, daar moet je rekening mee houden. Allereerst voor jezelf: een goede voorbereiding geeft de ruimte voor andere dingen om op te letten.

Wat docenten het meest belangrijk vinden, het nadenken, kritisch denken, rust op feiten. Je kan geen feiten beschouwen wanneer je de feiten niet kent en snapt. Structuur aanbrengen in de feiten bevordert het onthouden en faciliteert het kritisch benaderen van de feiten.

Leren vindt plaats op het moment dat het lange termijn geheugen verandert. En dat doet het bij nieuwe informatie, maar ook bij het terughalen van eerdere informatie. Want dan worden geheugenbanen herbevestigd, verstevigd en daarmee verandert het langetermijngeheugen. Dat je zaken vergeet is daarom ook niet belangrijk, belangrijk is wel ze weer terug te halen. Je moet als docent niet alleen het leren managen, maar ook het vergeten.

De Cognitive Load Theory zegt dan dat je het geheugen van studenten efficiënt moet belasten.

Vertaling

Lemov sluit dit principe af met een kader over online lessen. Dat ontbreekt. Lemov betrekt dit op de enorme afleiding die er voor leerlingen is, een niet meer te volgen chat, maar ook op de mentale belasting voor docenten. Als oplossing geeft hij de werkwijze waarbij leerlingen in de chat naar de docent reageren. Die kiest één of meer reacties die naar de klas gaan. Zo blijft het overzichtelijk.


Principle 2: Habits accelerate learning

Een goed georganiseerde les, gebaseerd op routines en gewoontes, faciliteert het leren het beste.

  1. Omdat er weinig tijd verspilt wordt met organisatie. Hoe de les gaat, is bekend.
  2. Een goed georganiseerde les, geeft focus aan zaken die echt belangrijk zijn, de lesinhoud. Niet bv het uitdelen van papier of rechtzetten van de tafels.
  3. Omdat routines weinig aandacht vragen, ga je makkelijk van de ene stap naar de andere.

Je doet dus onbelangrijke dingen snel en eenvoudig, je doet moeilijke dingen op zo’n manier dat de aandacht echt naar de inhoud gaat waar het op dat moment om gaat.

Vertaling

De twee punten over het belang van gewoontes, hebben in de originele versie een derde punt: de gewoonte om expliciet te zijn in dankbaarheid en positiviteit. Als docent vinden we het gewoon om aan het einde van de les een klas te complimenteren over werkhouding, hoeveelheid stof, meedoen etc, maar omgekeerd, dat leerlingen dat naar elkaar of de docenten uiten, kennen we in Nederland weinig. Lemov verwijst hier naar Michaela, een school in Londen. In typisch Engelse (en deels Amerikaanse) gewoontes, bedanken leerlingen elkaar, de docenten, de staf, voor de gang van zaken op school.

In Engeland is Michaela niet on-omstreden. De strakke discipline, de glasheldere normen doen het meest denken aan een sekte. Maar dat Michaela jaar na jaar de school met landelijk de beste examenresultaten met leerlingen uit de meest zwakke milieu’s van het land, behaalt, geeft toch te denken.

De slotzin maakt het belang wel duidelijk: door het positieve, het hard werken en de faciliteiten te benoemen, wordt leerlingen duidelijk wat er voor hen gedaan wordt, het te herkennen en er actief aan bij te dragen.


Principle 3: What students attend to is what they learn about

Leerlingen leren van waar de aandacht op gericht wordt. Daarom is het belangrijk duidelijke routines te hebben over hoe de les loopt, waar de aandacht naar uit gaat. Dat je je moet concentreren op een taak, is iets wat gefaciliteerd, maar ook getraind en desnoods onderwezen moet worden.

Hou hierbij rekening met het feit dat als een taak afgelopen is, die nog na-ijlt in het geheugen. En daarmee afleidt. Van taak wisselen kost daarom tijd en is daarom ook niet altijd verstandig.

Lemov pleit hierom voor duidelijke afleidingsvrije lessen. Dat kan impliceren dat de schermen weg moeten. Afleidingsvrije lessen oefenen het focussen op de taak.

Hiermee komt Lemov op de kern van TLAC: het richten en in stand houden van aandacht.

Vertaling

Principe 3 start met een vergissing: The Hidden Loves of Learners. Het gaat Nuthall2 niet om het liefdesleven van leerlingen, de titel moet zijn: The Hidden Lives of Learners. De vertalers hebben deze vergissing (Lemov, 2023) laten staan. Wat ik dan wel weer grappig vind.


Principle 4: Motivation is social

Motivatie wordt sociaal gevoed. Wanneer de ene leerling niks doet, gaat de andere ook niks doen. Om motivatie te creëren, in stand te houden en te bevorderen, moeten we laten zien aan leerlingen wat wij samen zien als normale en geaccepteerde waarden en normen. Dat is een docententaak, een taak van de school, die normen stellen, bevorderen en handhaven. Daarbij moet je niet wachten op het moment dat ze zich voordoen, je moet ze organiseren.


Principle 5: Teaching well is relationship building

De beste start voor een werkrelatie is goed lesgeven. Daarmee laat je zien dat je de ontwikkeling van de leerling belangrijk vindt. Daarmee is elke stap van TLAC onderdeel van het bouwen van relaties.

Een goede werkrelatie is gebaseerd op vertrouwen. Betrouwbaarheid, consistentie en mededogen staat hierbij centraal.

Je hebt de kern-werkrelatie. Goed lesgeven. En je hebt de aanvullende-werkrelatie. Zorg voor de leerling als mentor of als docent die ook tijd maakt voor de persoonlijke zaken van de leerling.

De kern-werkrelatie leunt op veilig, succesvol en kennen. Je creëert een veilig werkklimaat in de klas zodat leerlingen succesvol kunnen zijn en dat benoem je naar de leerling toe.

Een ordelijke les, met duidelijke routines is veilig, bevorderd het leren en geeft jou als docent tijd om je leerlingen te kennen. Dat veronderstelt in ieder geval een goede lesvoorbereiding.

Safe, succesful and known

Aan het einde van het hoofdstuk onder het kopje Principle 5: Teaching well is relationship building. introduceert Lemov de drieslag Safe, Succesful and known. En eigenlijk gaat het daar om in elke les. Het is de kapstok voor (volgens mij) alle technieken die Lemov gaat bespreken.

Elke docent is verantwoordelijk voor een veilige leeromgeving en een succesvolle leerervaring waarin elke leerling zich gezien voelt. En op basis van TLAC 2 gaat het bij een veilige leeromgeving om een les waarin leerlingen fysiek veilig zijn, maar ook mentaal. Waarin een culture of error is, waarin excelleren mag, waarin fouten maken mag enzovoort. Dat loopt dan langzaam over in een succesvolle werkomgeving, waarin onderwijs gegeven wordt dat goed past bij de leerlingen, bij de achtergrond die de cognitive load theory1) geeft, waarin geoefend wordt met de stof met bijvoorbeeld think, pair, share of herhaald wordt met retrieval practice en spaced practice (enz). Een leeromgeving met de focus op het leren, de vakinhoud, zorgt voor succes bij de leerlingen, aldus Lemov.

Een succesvolle werkomgeving voor leerlingen moet ook een werkbare voor de docent zijn, Lemov besteedt veel tijd aan het belang van routines. Enerzijds om de tijd van de leerlingen nuttig te besteden, voorspelbaar en daarmee ook bij te dragen aan een veilige omgeving. Anderzijds om de mentale belasting van de docent te minimaliseren zodat er focus over blijft om te kijken, te observeren. Succesvol betekent ook dat je leerlingen regelmatig overtuigend en betrouwbaar bewijs van hun succes geeft.

De mentale focus van de docent is nodig om leerlingen te laten merken dat ze gezien worden. Dat hun leren centraal staat. Als groep, maar ook als individu in die groep. Leerlingen bij naam aanspreken op hun niveau en op dat niveau een eigen (mini)uitdaging geven kan namelijk prima in de klas. Immers, de krappe voldoende voor de een, is een wereldoverwinning, terwijl voor de ander ver beneden niveau is. Elke docent herkent dit binnen de eigen les. Lemov betoogt dat dit voor veel leerlingen dé manier is om gezien te worden. De aandacht voor de inhoud van de docent, met kleine variaties naar de verschillende leerlingen, maakt duidelijk dat jij, als docent, het leren van de leerling centraal stelt. Alles wat extra is, ziet Lemov als bonus.

Vertaling

In de vertaling zijn uitweidingen samengenomen, dit onderdeel is in de vertaling aanzienlijk korter. Wat ontbreekt is de bespreking van een lijstje “Ten ways to build relationships with your students”. Zo’n lijstje gaat uit van relatie voor prestatie. Lemov wijst een paar punten aan waar hij het mee eens is, die zijn samen te vatten met “wees een redelijk persoon”. Maar zaken als “doe iets geks” of “vertel waar jouw inspiratie vandaan komt” verwijst hij naar de prullenbak. Ze doen vaak meer kwaad dan goed, minimaal houdt het af van lesstof, verspilt het tijd en is het de zoveelste keer dat de leerlingen het verhaal horen, iets gekst moeten doen etc. Kortom: leerlingen komen er niet voor.

Vertaling (bis)

Lemov sluit het hoofdstuk af met eindnoten. Deels zijn dat verwijzingen naar literatuur of websites, deels zijn het side-notes. In de vertaling zijn het alleen literatuurverwijzingen.


Raakvlakken

Zoals Lemov al aankondigde, haakt hij aan bij de stroming binnen het onderwijs die zich baseert op de cognitieve psychologie. De bespreking van de Cognitive Load Theory is beknopter dan die van Barton2), maar duidelijk is dat beide auteurs elkaar beïnvloeden. Ook verwijst Lemov naar Michaela, de school in Londen met de voor Nederlandse begrippen erg strakke organisatie en ver doorgevoerde implementatie van bijvoorbeeld het Rust Reinheid en Regelmaat principe. Hij maakt hiermee duidelijk tot welke stroming in de onderwijskunde hij behoort, met welke set aan ideeën hij werkt.


Opbrengst

Is dit een belangrijk hoofdstuk? Zeker. Lemov maakt duidelijk waar al die technieken goed voor zijn, wat het uiteindelijke doel is. Het leren van de leerling centraal, kaders die vrijheid geven en werken binnen de (cognitieve) beperkingen. Het is de kapstok die volgens mij sterker neergezet had kunnen worden, waar bij de bespreking van de technieken hopelijk naar verwezen gaat worden en die, hopelijk, aan het einde van het boek, duidelijk maakt waar het allemaal eigenlijk goed voor is. Het is een advanced organiser. Dat is sterk. Wat ik niet sterk vind is de allereerst de verhulde wijze waarop Lemov dit bespreekt en ten tweede het feit dat je de reikwijdte van dit hoofdstuk pas gaat zien zodra je een paar technieken al kent. Een advanced organizer waar je voorkennis voor nodig hebt. En dat schiet volgens mij zijn doel voorbij.


Verwijzingen

1) Lemov heeft bij dit hoofdstuk noch bij de inleiding een referentie naar de CLT. Deze komt uit het boek van Barton: Martin, A. (2016). Using Load Reduction Instruction (LRI) to boost motivation and engagement.
2) Nuthall, G. (2007). The hidden lives of learners. NZCER Press..
3) Barton, C. (2019). Volgens Barton: Lesgeven in wiskunde aan de hand van wetenschap, experts, en 12 jaar aan mislukkingen (R. Kneyber, Vert.; 1ste dr.). Phronese.
4) Lemov, D (2023) "a typo, unofort. one of many. grrr." Personal Message on X / Twitter.