Teach Like a Champion 3.0 is de nieuwe editie van het bekende werk van Lemov. De vorige editie ben ik begonnen met lezen en bespreken, maar vrij in het begin gestrand. Met de nieuwe editie een nieuwe poging. In een eerdere post ben ik begonnen met het bespreken van hoofdstuk 2, Lesson Preparation. Dit is de tweede aflevering bij dit hoofdstuk.

Wat er vooraf ging..

Lemov start hoofdstuk 2 met een betoog waarin hij duidelijk maakt dat volgens hem een goede les begint met een goede voorbereiding. Een lesplanning en een lesvoorbereiding. Samen, veelal verwerkt in één document, vertellen je die wat er tijdens de les gaat gebeuren. Het hoofdstuk gaat verder..

Technique 3: Delivery Moves

Bij deze techniek verwijst Lemov vooruit naar meer gedetailleerde zaken. Punt bij de Delivery Moves is dat je goed moet bedenken wat je deze les, op deze dag met deze klas gaat doen. Want het plan voor een spannend onderwijsleergesprek kan bij klas a goed vallen, maar bij klas b volstrekt verkeerd. Je moet nadenken over de Means of participation. En dat is een net andere woordkeuze dan de werkvorm. Lemov wil weten op welke wijze je de leerlingen bij de les gaat betrekken.

Plan for who. Je moet nadenken over wie je gaat betrekken bij de les. Dat kan op naam, vooral als je cold call gaat doen, zomaar iemand vragen, maar kan ook op categorie. Wil je deze les de leerlingen die onvoldoende staan aanspreken? De goede leerlingen de gelegenheid geven om even te schitteren? Of juist de leerlingen met een grote mond die daarmee verhullen het erg lastig te vinden. Het zijn keuzes en ze horen in je voorbereiding.

Time stamps. In een lesvoorbereiding horen ook tijdstippen. Lemov adviseert om de tijd van de les te noteren. Om 11:12 starten met de video, om 11:30 onderwijsleergesprek, 11:40 afronden, Exitticket. Dat werk. Je kan ook de tijdsduur opschrijven, maar dan sta je de hele les te rekenen.

Back-Pocket Questions. Wat doe je als het kwartje niet valt? Of als het programma waarvan je dacht dat het een half uur zou duren na een kwartier voorbij is? Daarvoor zijn de back-pocket questions. Die kunnen midden in de les, maar zeker ook aan het einde. Door er ook een time stamp bij te zetten weet je wanneer je weer bij de planning terug bent.

Segues. Het eerste woord dat ik in dit hoofdstuk moest opzoeken. De Dikke Van Dale ENG-NED weet het niet, het zijn overgangen, scene-wisselingen. Overgangen heb je van onderwerp A naar onderwerp B, maar ook van de ene werkvorm naar de andere. Hoe sluit je af, wat laat je de leerlingen doen? Hoe start je het volgende? Hoe zorg je dat het vlot gaat zonder gehaast te worden?

Wat doe ik zelf?

Wat ik in welke les ga doen, daar denk ik inderdaad over na. En ik weet ook dat bij de ene klas de ene werkvorm het niet doet en bij de andere wel. En ik zie het ook in de lesplanning die ik voor elke les maak. Maar ik expliciteer het niet. Daarmee ontneem ik mijzelf een reflectiemomentje. Daarmee leer ik dus te weinig van de lessen die ik geef.

Nadenken over wie doe ik zeker. Met enige regelmaat kies ik er voor om een programmaatje de namen van leerlingen te laten kiezen. Hopelijk random. En ook met enige regelmaat kies ik er voor om op kenmerken (zwak in wi, lawaaimaker, teruggetrokken) leerlingen de beurt te geven. Maar weer: ik noteer het niet, waardoor reflectie, zicht op het succes, niet goed gaat.

Als starter heb ik ook planningen met time-stamps gemaakt. Het was nutteloos. Het sloeg nergens op. Maar nu ik een aantal jaren voor de klas sta, zou het wel kunnen. Zou het mij in staat stellen om relaxter de les door te komen, omdat ik weet dat het past in de tijd. Bij de tijdsaanduiding kan je ook opnemen dat je bv maar één voorbeeld wil weten. Zodat je gaandeweg de les ziet waarom er ook al weer zo weinig tijd voor onderwerp x ingepast was. En dan zouden ook de back-pocket questions een uitkomst bieden. Hoewel, ik maak mij nooit zorgen over teveel tijd in de les. Die weet ik altijd wel nuttig te besteden. Maar de opbrengst daarvan kan wel omhoog.

Overgangen (segues) zijn lastig. De stagiairs die ik begeleid heb, lieten dat allemaal zien. Onder het adagium “als je denkt dat je duidelijk bent, moet het duidelijker”, strooi ik met signaalwoorden als “we sluiten af” en “door naar het volgende” en “het nieuwe onderwerp”, aangevuld met “schrift kan dicht”, “pen er bij” enz. Vooral ook om het tempo zo te maken dat leerlingen het bij kunnen benen zonder dat het saai wordt. Een onderschat onderwerp volgens mij.

Technique 4: Double plan

Toen ik zelf op school zat, ik heb het over 1974-1982, keek ik af en toe wel eens in het boek van de wiskundedocenten. En die stonden vol met aantekeningen. De antwoorden van de sommen, de vragen aan de klas en soms zelfs de grapjes. Docenten schreven hun aantekeningen in het boek dat ik als leerling ook gebruik. Lemov geeft voorbeelden en aanwijzingen uit lesplannen die niet in een boek staan, maar die in het lesmateriaal dat de leerling krijgen, staan. Dat kan de werkbladen van de leerling, maar ook in een T-planning. Links het materiaal van de leerlingen, rechts de lesvoorbereiding. De hierdoor komen de inhoud, de leerlingactiviteiten en de lesvoorbereiding concreet samen. Wat doen de leerlingen bij welke inhoud op welk moment in de les, aan de hand van het lesmateriaal.

En nu Lemov het heeft over lesmateriaal, een checklist voor dat lesmateriaal. Punten die later (deels) terugkomen als techniek.

Everything in one place. Het is efficiënt en handig om al het materiaal bij elkaar te hebben. Zodat je niet drie uitdeelmomenten hebt, tijd kwijt bent aan wisselen tussen boeken etc.

Synergy with pacing. Uit het materiaal volgt ook het programma voor de les. Vragen die kort beantwoord moeten worden krijgen weinig ruimte, vragen waar het om drie of vier elementen gaat, krijgen een gelijk aantal aandachtsstreepjes. Leerlingen zien aan de ruimte en de vormgeving wat de bedoeling is. Efficient is ook om regels te nummeren. Dat verwijst snel.

A clear roadmap. Wanneer je zo je lesmateriaal vormgeeft, wordt het eenvoudig om de verwachtte reacties van leerlingen, de tijd en de activiteiten te noteren. Leerlingen zien ook aan het materiaal wat er nog gaat komen. Of de les klaar is of dat er nog veel moet gebeuren. Voor de snelle leerlingen kan je ook extra opdrachten invoegen.

Standardize the format. Eenduidig vormgegeven lesmateriaal maakt het ook makkelijk om bij het rondlopen in de klas te kijken naar het werk van leerlingen. Vergelijk dat met het turen in de schriften van leerlingen, de ene zus, de andere zo en de derde weer anders. Je weet waar je naar moet kijken en op welke plaats het staat.

Embedded adaptability. Dergelijke werkbladen lijken de les helemaal dicht te timmeren. Lemov betoogt het tegenovergestelde. Je kan ook verrijkingsstof opnemen.

Wat doe ik zelf?

Lemov snijdt bij deze techniek twee zaken aan. Allereerst dat je moet plannen aan de hand van het materiaal dat leerlingen hebben. Daarnaast noemt hij punten die voor dat materiaal van belang zijn, of die er voor pleiten. Dat laatste komt mij een beetje als zijpad over, maar er zitten wel degelijk voorbereidings-aspecten aan.

Het eerste heb ik nog nooit zo gedaan. Voornamelijk omdat ik werk met een boek waar ik in grote lijnen erg tevreden over ben. Maar de concrete koppeling leerlingmateriaal – lesvoorbereiding heeft steeds alleen in mijn gedachten plaatsgehad. Het is zeker de moeite waard om dit uit te gaan proberen.

Verder..

Hoofdstuk 2 heeft vijf technieken, nog een sidebar en andere uitweidingen. Daarnaast zijn er nog wel kanttekeningen te maken. Die komen in een derde blogpost.

Meer lezen

Je vindt mijn besprekingen van Teach Like a Champion 3 door hieronder de tag TLAC3 te kiezen. De tag “Teach like a champion” geeft je ook nog de bespreking van de tweede editie.